Een vraag die me al enige tijd bezighoudt is op welke wijze bedrijfscultuur invloed heeft op klantprocessen. Mijn aanname is dat klantprocessen moeten aansluiten op de bedrijfscultuur, missie en visie. Voor een beter begrip heb ik het boek "Allemaal andersdenkenden" van Geert en Gert Jan Hofstede herlezen.
De kern van het boek gaat over cultuurverschillen tussen landen. Daarnaast besteedt het boek aandacht aan bedrijfscultuur en individuele cultuuraspecten. Opvallend is dat cultuurverschillen tussen landen niet zomaar op bedrijven toegepast mogen worden. Cultuur in bedrijven heeft evenmin een één-op-één doorvertaling naar individuen. Het resultaat is een complex geheel. Het leuke is wel dat ik na dit boek gelezen te hebben, opeens heel veel zaken kan verklaren. Bijvoorbeeld het poldermodel, de ophef over de topinkomens en het doorrekenen van verkiezingsprogramma's door het CPB zijn cultuurverschijnselen die diep in de Nederlandse waarden verankerd liggen.
Geert Hofstede is zijn onderzoek gestart met behulp van een database met gegevens van IBM. IBM heeft in de tachtiger jaren onder een groot aantal werknemers onderzoek gedaan nar opvattingen over macht, werk en andere zaken. Hofstede heeft dit terugvertaald naar in totaal vijf cultuurdimensies.
- Machtsafstand. In welke mate vindt men dat er verschil in macht hoort te zijn?
- Individualisme versus collecitivisme. Staat het individu of het collectief voorop in de samenleving? Collectief is een uitgebreide "familie" van mensen die elkaar kennen en vertrouwen. Het individu is ondergeschikt ana het collectief.
- Masculiniteit-feminiteit. Deze dimensie gaat niet over de biologische aspecten maar over culturele aspecten. Deelkenmerken zijn veel geld verdienen versus samenwerken, uitdaging versus zekerheid enz.
- Onzekerheidsvermijding. Deze dimensie gaat over angst voor het onbekende. Deze is lastig uit te leggen. Een land dat hoog scoort op de onzerheidsvermijding, kan ene oorlog starten om dat dit meer zekerheid geeft dan rustig afwachten wat er gebeurt. De index staat in extremo voor alles beter dan niet weten waar je aan toe bent.
- Langetermijngerichtheid. Dit is een bijzondere cultuurdimensie. Hofstede heeft deze in eerste instantie niet ontdekt, omdat in het IBM onderzoek geen vragen zijn gesteld die naar deze dimensie refereren. Pas toen onderzoekers mensen uit Aziatische landen vroegen om vragen te maken, kwam deze dimensie naar voren. Dit laat mooi zien dat sociaal wetenschappelijk onderzoek deels cultuur bepaald is. Langetermijngerichtheid kenmerkt zich door onder andere spaarzaamheid, volharding, schaamtegevoel en gevoel voor verhoudingen. Kortetermijngerichtheid door verplichtingen nakomen, respect voor tradities, kalmte, evenwicht.
De Nederlandse samenleving heeft globaal de volgende kenmerken: kleine machtsafstand, sterk individualistisch, Feminien, middenmoot in onzekerheidsvermijding en langetermijngerichtheid.
Als vergelijking, Duitsland: machtsafstand ongeveer gelijk, minder individualistisch, veel sterker masculien, iets meer onzekerheidvermijdend, veel meer kortetermijngericht.
Hofstede verklaart hiermee onder nader dat Duitsland meer op productie is gericht en Nederland op diensten. De sterke feminiene component in Nederland verklaart ook de zesjescultuur en het poldermodel. De VS scoren heel sterk Masculien, maar lijken verder veel op Nederland. Dit onderbouwt de sterke Angel-Saksische prestatiecultuur en verklaart wellicht ook de aversie in Nederland tegen de hoge bonussen. Hofstede geeft ook ene waarschuwing voor het gebruik van managementlliteratuur uit de VS. Deze literatuur is om de Amerikaanse waarden gebaseerd en daardoor niet zonder meer toepasbaar in de rest van de wereld. Als voorbeeld behandelt hij het boek De excellente ondernemingen, die typisch Amerikaanse cultuurverschijnselen benadrukken. Ook de behoeftepyramide van Maslov is volgens Hofstede niet waardevrij.
In de volgende aflevering op dit thema, zal ik het thema bedrijfscultuur behandelen.
PS. Het doorrekenen van de verkiezingsprogramma's is ook een feminien trekje. In de VS speelt dit geen enkele rol. Daar wordt gewoon verwacht dat men de beloftes behoorlijk aandikt en iedereen weet dat veel zaken niet waargemaakt kunnen worden. (Met dank aan Philippe Remarque voor zijn column in de Volkskrant van 31-5-2010 over dit onderwerp).